Algemene dekkingsmiddelen

Missie en doelstelling

Terug naar navigatie - Missie en doelstelling

De algemene dekkingsmiddelen zijn niet gerangschikt onder een programma. De Algemene dekkingsmiddelen bestaan uit de volgende onderdelen:

  • Treasury
  • Lokale heffingen
  • Uitkeringen uit het gemeentefonds
  • Overige algemene dekkingsmiddelen

Kenmerk van de algemene dekkingsmiddelen is dat aan deze middelen geen vooraf bepaald bestedingsdoel gekoppeld is en zij daarmee voor de gemeente vrij besteedbaar zijn.

Treasury

Dit betreft de activiteiten van de gemeente met betrekking tot de Treasury-functie:

  • Financiering, beleggingen, dividenden etc. waaronder dividend nutsbedrijven;
  • Schenkingen en legaten.

Lokale heffingen

Het gaat hier om de volgende activiteiten

  • Uitvoering Wet WOZ
  • Opbrengst Onroerendezaakbelastingen eigenaren woningen
  • Opbrengst onroerendezaakbelastingen eigenaren niet-woningen
  • Opbrengst onroerendezaakbelastingen gebruikers niet-woningen
  • Heffing en invordering van deze belastingen
  • Opbrengst toeristenbelasting
  • Opbrengst woonforensenbelasting
  • Opbrengst watertoeristenbelasting.

Uitkeringen gemeentefonds

Hiertoe behoren de volgende uitkeringen

  • Algemene uitkering;
  • Integratie-uitkeringen (sociaal domein);
  • Decentralisatie-uitkeringen;
  • Artikel 12-uitkering.

Overige algemene dekkingsmiddelen lasten

Hiertoe behoren:

  • De algemene baten en lasten: (stelposten, taakstellende bezuinigingen, begrotingsruimte, etc.)
  • De saldi van de kostenplaatsen (de kosten van de afdelingen worden vanuit een kostenplaats toegerekend aan de programma’s. De afrondingsverschillen worden hier verantwoord).

In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van deze inkomsten alsmede de overige dekkingsmiddelen.

Algemene dekkingsmiddelen

Begroot bedrag

Algemene uitkering

68.410.011

Uitkering COA

527.723

Integratie-uitkering deelfonds sociaal domein

8.992.916

OZB gebruikers niet- woningen

891.700

OZB eigenaren woningen

4.657.400

OZB eigenaren niet-woningen

1.792.400

Toeristenbelasting

392.000

Forensenbelasting

76.900

Dividend BNG

63.000

Dividend vennootschappen verkoop Essent

54.000

Saldo financieringsfunctie

542.861

Overige algemene dekkingsmiddelen

-1.214.451

Totaal

85.186.460

Gemeentefonds

Terug naar navigatie - Gemeentefonds

Het gemeentefonds is gebaseerd op de meicirculaire 2024. Het gemeentefonds bestaat uit de algemene uitkering, decentralisatie uitkeringen (DU) en integratie uitkeringen (IU). Met betrekking tot het sociaal domein wordt alleen voor de onderdelen beschut werk en WSW nog een aparte integratie uitkering verstrekt.

Accressen (= groei gemeentefonds) en opschalingskorting

Sinds de meicirculaire 2022 is het accres gesplitst in een volume- en een LPO (loon- en prijsontwikkeling) deel. Daarnaast is, om meer stabiliteit in het gemeentefonds te krijgen, per 2027 overgegaan naar een nieuwe financieringssystematiek. De nieuwe systematiek koppelt de ontwikkeling van het gemeentefonds ( = accres) los van de ontwikkeling van de rijksuitgaven. In plaats daarvan koppelt het Rijk de ontwikkeling van het gemeentefonds aan de ontwikkelingen van het bruto binnenlands product.

In de meicirculaire 2024 is deze nieuwe financieringssystematiek vervroegd van 2027 naar 2024. Het vervroegen van deze nieuwe financieringssystematiek heeft nadelige financiële gevolgen voor alle gemeenten. Voor de jaren 2024 en 2026 t/m 2029 is dit door het rijk op gemeenteniveau volledig gecompenseerd (B).

Naast het vervroegen van de nieuwe financieringssystematiek is ook de verdere oploop van de opschalingskorting geschrapt. De opschalingskorting zou gefaseerd worden ingevoerd, tot een maximum van 975 miljoen in 2025. Hiervan blijft een bedrag van 300 miljoen (oploop t/m 2019) structureel als opschalingskorting in het gemeentefonds bestaan. Voor 2020 t/m 2025 was de verdere oploop van de opschalingskorting al geschrapt. Dit wordt nu ook structureel doorgevoerd vanaf 2026. Dit betekent een toevoeging aan het gemeentefonds vanaf 2026 van 675 miljoen. Voor Westerwolde betekent dit ruim 1 miljoen (C).

De prijs die het kabinet hiervoor vraagt van gemeenten is een eenmalige lagere vaststelling van het gemeentefonds 2025 met 675 miljoen (-/- 1 miljoen voor Westerwolde). Dit is verwerkt als een lagere incidentele compensatie (B).

Vanaf 2025 wordt de begroting voor de gemeente Westerwolde geraamd in lopende prijzen op het prijsniveau 2025. Hiervoor is circa 2 miljoen beschikbaar (A).

BCF-plafond

Terug naar navigatie - BCF-plafond

Het BCF (BTW Compensatiefonds) plafond bedraagt € 3,9 miljard voor gemeenten in 2023. Als de gezamenlijke declaraties onder het plafond blijven, wordt het verschil in het gemeentefonds gestort. Bij overschrijding van het plafond volgt een uitname. Over het jaar 2023 is er minder gedeclareerd dan het plafond. De ruimte onder het BCF-plafond 2023 heeft ook structurele gevolgen. Voor de begroting 2025 met bijbehorende meerjarenraming mag een positieve stelpost in de berekening van de algemene uitkering worden opgenomen ter grootte van de ruimte onder het BCF-plafond 2023. Voor de gemeente Westerwolde betekent dit een stelpost ter grootte van maximaal € 900.000. De provinciaal toezichthouders gebruiken dit als richtlijn bij het beoordelen van de (meerjaren) begroting 2025-2028. Wel adviseren de provinciaal toezichthouders om voorzichtig te zijn met het opnemen van een raming voor dit dekkingsmiddel, vanwege de onzekerheid over de toekomstige ontwikkeling van deze ruimte. In de begroting 2025-2028 is dan ook een stelpost meegenomen van € 450.000 (50%).

Hervormingsagenda jeugd

Terug naar navigatie - Hervormingsagenda jeugd

Op 19 juni 2023 is de hervormingsagenda Jeugd definitief vastgesteld, ondertekend en aangeboden aan de Tweede Kamer en Eerste Kamer. In de meicirculaire 2023 zijn voor de jaren 2024 en 2025 aanvullende, incidentele middelen voor jeugd toegevoegd aan het gemeentefonds, in lijn met de financiële reeks van de uitspraak van de Commissie van Wijzen (CvW).

Financiële effecten akkoord hervormingsagenda jeugd

Over de jaren 2019 t/m 2025 zijn incidenteel aanvullende middelen voor jeugdzorg beschikbaar gesteld aan gemeenten. Voor de jaren 2026 t/m 2028 heeft het rijk middelen gereserveerd op de rijksbegroting.

Naast de besparingsopgave die volgt uit de uitspraak van de Commissie van Wijzen heeft het kabinet besloten tot het realiseren van een aanvullende besparing vanaf 2026 van 500 miljoen, oplopend tot structureel € 511 miljoen vanaf 2027, welke een Rijksverantwoordelijkheid is gemaakt. Concreet betekent dit dat het aan de Rijksoverheid is om de besparing in te vullen met (wettelijke) maatregelen. Het gaat daarbij om maatregelen waardoor gemeenten minder middelen nodig hebben of waarbij alternatieve inkomsten gegenereerd kunnen worden. Ook draagt het Rijk het budgettaire risico ingeval (een deel van) deze maatregelen geen of niet tijdig doorgang vinden.

(Voor de jaren 2019 t/m 2021 bedroegen de beschikbaar gestelde middelen voor jeugd achtereenvolgens € 595.000, € 444.000 en € 447.000.)

Standpunt provincie

De provincies hebben de volgende richtlijn voor het financieel toezicht op de begroting en meerjarenraming 2025-2028 uitgebracht:

  • Gemeenten mogen in de jaarschijven 2026, 2027 en 2028 de middelen zoals die in de Hervormings- agenda zijn afgesproken als structurele en reële raming meenemen in hun meerjarenraming. Concreet gaat het om respectievelijk € 284 miljoen (Westerwolde 2026 € 462.000), € 211 miljoen (Westerwolde 2027 € 344.000)  en 250 miljoen ( Westerwolde 2028 € 400.000)
  • Daarnaast mogen gemeenten in de jaarschijven 2026, 2027 en 2028 rekening houden met een besparing op de uitgaven van € 500 miljoen in 2026 (Westerwolde € 815.000) en vanaf 2027 € 511 miljoen (Westerwolde € 830.000) (structureel) als gevolg van maatregelen die het Rijk zal uitwerken.

Samenvatting gevolgen hervormingsagenda jeugd voor de begroting 2025-2028 

In de begroting 2025-2028 van de gemeente Westerwolde zijn de door de provincie toegestane bedragen voor jeugd als volgt meegenomen.

De stelpost extra middelen jeugd is meegenomen in de algemene uitkering van het gemeentefonds. De ramingen zijn ook in de risicoparagraaf vermeld.

De stelpost besparingsmaatregelen jeugd is verantwoord onder algemene baten en lasten omdat op dit moment nog niet duidelijk is op welke onderdelen de besparing van jeugd wordt gerealiseerd.

Uitkering COA

Terug naar navigatie - Uitkering COA

Voor het opvangcentrum ontvangt de gemeente een financiële vergoeding. Bij een opvangcapaciteit vanaf 1.500 asielzoekers is de vergoeding gebaseerd op 2.000 asielzoekers. Bij een opvangcapaciteit van minder dan 1.500 is de vergoeding gebaseerd op 1.650 asielzoekers.

 In de begroting is een vergoeding van structureel € 527.000 opgenomen. Met ingang van 2019 wordt er niets meer in de Bestemmingsreserve COA gestort (Ombuiging 2019).

Belastingopbrengsten

Terug naar navigatie - Belastingopbrengsten

De OZB is een algemeen dekkingsmiddel. In tegenstelling tot bijvoorbeeld leges, rioolrechten en afvalstoffenheffing zijn deze inkomsten niet geoormerkt. De OZB wordt geheven van eigenaren van binnen de gemeente gelegen onroerende zaken en gebruikers van niet-woningen.

Opbrengst Onroerendezaakbelasting

OZB gebruikers niet-woning

€                  891.700

OZB eigenaren woning

€               4.657.400

OZB eigenaren niet-woning

€               1.792.400

 

€               7.341.500

Toeristenbelasting

Terug naar navigatie - Toeristenbelasting

Toeristenbelasting wordt geheven voor het houden van verblijf met overnachten binnen de gemeente in hotels, pensions, vakantieonderkomens, mobiele kampeeronderkomens, niet beroepsmatig verhuurde ruimten en op vaste standplaatsen tegen vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene in de Gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens van de gemeente zijn opgenomen. Bij watertoeristenbelasting (voormalig gemeente Vlagtwedde) gaat het om overnachting in havens. De heffing is gebaseerd op artikel 224 van de Gemeentewet. Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf. Zie paragraaf Lokale heffingen

Forensenbelasting

Terug naar navigatie - Forensenbelasting

Forensenbelasting wordt geheven van natuurlijke personen, die zonder in de gemeente hoofdverblijf te hebben, op meer dan 90 dagen van het belastingjaar voor zich of hun gezin een gemeubileerde woning beschikbaar houden. Hier is dus sprake van een tweede woning. De heffing is gebaseerd op artikel 223 van de Gemeentewet. Het tarief is afhankelijk van de waarde van de woning in het economisch verkeer. Zie paragraaf Lokale heffingen

Dividend

Terug naar navigatie - Dividend

De verwachte dividenduitkering bedraagt € 117.000 en is als volgt gespecificeerd:

Instellingwaarde

per aandeel

aantal aandelen

Dividend

BNG

€             2,17

29.055

€                    63.000

Vennootschappen verkoop Essent

€             0,24

222.642

€                    54.000

 

 

Totaal

€                  117.000

Onvoorzien

Terug naar navigatie - Onvoorzien

In de begroting zijn stelposten opgenomen die in de loop van het begrotingsjaar via een begrotingswijziging functioneel verwerkt zullen worden. Stelposten die dit jaar niet worden ingevuld kunnen incidenteel worden ingezet. In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van deze stelposten.

Stelposten

Begroot bedrag

Onvoorzien incidenteel

€             200.000

Onvoorzien verkiezingen

€               25.000

Totaal

€             225.000

Beleidsindicatoren

Terug naar navigatie - Beleidsindicatoren

Beleidsindicator

Eenheid

Periode

Westerwolde

Nederland

Peildatum

Gemiddelde WOZ waarde

Duizend euro

2023

269

368

30-07-2024

Gemeentelijke woonlasten eenpersoonshuishouden

In Euro’s

2024

1132,19

X

30-07-2024

Gemeentelijke woonlasten meerpersoonshuishouden

In Euro’s

2024

1155,48

X

30-07-2024